Meer steun voor kinderen die lijden onder oorlogsgeweld

8 oktober 2019

getekendvoorhetleven overhandiging petitie.jpg
Ministers en experts hebben op een topconferentie in Amsterdam besloten psychosociale steun aan kinderen in oorlog uit te breiden en vast onderdeel te maken van noodhulp. War Child had daar in een petitie namens meer dan 20 duizend mensen op aangedrongen. Maar geld om dit besluit in daden om te zetten, is er nog niet.

“Ik ben blij dat we een stap vooruit hebben gezet,” zegt Tjipke Bergsma, directeur van War Child. “Nu moeten de woorden snel worden omgezet in daden. Daar kan Nederland samen met andere landen voor zorgen door geld beschikbaar te stellen dat nodig is om psychosociale hulp uit te breiden.”

Actie op de stoep

Zeventig enthousiaste kinderen van groep 7 van de Vondelsschool uit Bussum en het Metis Montessori Lyceum uit Amsterdam hadden de stoep voor de ingang van het Koninklijk Instituut voor de Tropen vol gekrijt met tekeningen. Hiermee trokken zij samen met War Child de aandacht voor kinderen, die zonder steun #getekendvoorhetleven zijn.

getekenvoorhetleven krijten.jpg

Foto: Daniel Wolters

Massale steun

Zes jongeren uit conflictgebieden overhandigden samen met de kinderen de petitie in de vorm van een groot papier-marché hart aan prinses Mabel en aan Sigrid Kaag, minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. De petitie kreeg de steun van 20.803 mensen in Duitsland, Nederland en Zweden. De minister zei dat ze geraakt was door de massale steun.

Precious uit Kameroen en Patrick uit Zuid-Soedan vertelden de minister uit eigen ervaring over de noodzaak van psychosociale hulp. “Wat moet je als je vader, moeder of broertjes en zusjes zijn vermoord? En je leeft in oorlog? Minister, we hopen dat u luistert naar onze stem en daadwerkelijk actie onderneemt om psychosociale zorg bereikbaar te maken. Voor alle kinderen die leven in conflictgebieden en deze zorg zo hard nodig hebben.”

getekendvoorhetleven hart.jpg

Foto: Daniel Wolters

Zo jong mogelijk hulp

Mark Jordans, hoofd onderzoek bij War Child en hoogleraar psychosociale zorg kinderen en jeugd, stelde samen met andere deelnemers op de conferentie vast hoe de psychosociale steun aan kinderen er concreet uit moet zien. Hij adviseerde zo jong mogelijk hulp te bieden, omdat kinderen zich dan later beter ontwikkelen. Dat kunnen we niet alleen. We moeten daar ook de familie, leraren en de omgeving van kinderen bij betrekken. Onderzoek is hard nodig, zodat we beter weten welke steun kinderen echt helpt. “Het is goed dat de conferentie de aanbevelingen omarmt,” zegt hij. “War Child zal ze in ieder geval in praktijk brengen.”

Koningin Maxima

De aandacht voor psychosociale steun aan mensen in conflictgebieden is groot. Ministers, vertegenwoordigers van de Europese Unie en de Verenigde Naties, het Internationale Rode Kruis en andere hulporganisaties kwamen naar Nederland om over dit onderwerp te spreken. Ook Koningin Maxima, die onlangs haar tienjarig jubileum vierde bij de VN, woonde de conferentie een dag bij. Na afloop sprak zij met vertegenwoordigers van verschillende ontwikkelingsorganisaties en hulpverleners over het belang van mentaal welzijn en psychosociale steun in conflictgebieden.

“Wij hebben er niet om gevraagd”

Michaela DePrince, solo-danseres bij het Nationale Ballet en ambassadeur van War Child, deelde op de conferentie haar krachtige verhaal, de zaal was zichtbaar geëmotioneerd. "Wij, overlevenden, hebben er niet om gevraagd op te groeien te midden van geweld.”

Op jonge leeftijd verloor Michaela haar ouders als gevolg van de burgeroorlog in Sierra Leone. Zij weet als geen ander hoe belangrijk het is dat kinderen in oorlog leren omgaan met hun gevoelens en ervaringen. Op de conferentie riep zij ministers op 5% van het overheidsbudget vrij te maken voor psychosociale steun. "Zo krijgen kinderen de kans te ervaren wat ik zelf heb ervaren. Als klein meisje had ik absoluut geen hoop. Ik had nooit verwacht dat ik hier ooit zou staan, dat ik vandaag de dag nog in leven zou zijn en dat mijn droom om ballerina te worden uit zou komen.”