Vier jaar oorlog Syrië. Wat als het straks vrede is?

War isn't about who's right, it's about who's left, liet de Britse filosoof en pacifist Bertrand Russell ooit uit zijn mond optekenen. Oorlog bepaalt niet wie er goed of fout is, alleen wie er over blijft. Dit weekend is het vier jaar geleden dat de burgeroorlog in Syrië begon; al lijkt het inmiddels een eeuwigheid. Nog steeds zien we dagelijks de meest brute wreedheden voorbijkomen en soms vergeten we hoop te houden.
14 maart 2015

Die hoop is cruciaal voor de honderdduizenden kinderen die keihard getroffen zijn. Ze zijn op de vlucht geslagen, hebben onderweg hun familie verloren en zijn aan hun lot overgelaten in het nietsontziende conflict. Al is de oorlog nog niet voorbij, we moeten juist nu deze kinderen helpen met het verwerken van hun oorlogservaringen. Op een dag zal het vrede zijn en is de bijdrage van deze jongeren aan de wederopbouw van Syrië essentieel. 

Zo leek de toekomst van voormalig kindsoldaat Alex in Oeganda ook hopeloos. Zijn hele kindertijd was hij op de vlucht voor krijgsheer Joseph Kony. Hij kon net ontsnappen aan een aanval van Kony’s leger, terwijl anderen levend verbrand werden in hun huizen. Zeven jaar woonde hij in een vluchtelingenkamp, getraumatiseerd en zonder doel. Maar dingen veranderden nadat War Child een veilige plek opende waar hij deelnam aan psychosociale hulpprogramma’s en hij leerde om de gruwelheden een plek te geven. Alex kreeg computerles, en toen hij voor het eerst op internet kwam, wist hij dat hij een nieuw doel had. Samen met andere jongeren in het kamp zette hij een lokaal computercentrum op waar duizenden kinderen computertraining krijgen. Zulke voorbeelden verdient Syrië in de toekomst ook.

Een greep uit de duizelingwekkende cijfers: miljoenen Syriërs sloegen op de vlucht, waaronder alleen al ruim 500.000 kinderen naar Libanon. Dat aantal blijft groeien. Het zet een enorme druk op onze organisatie om deze kinderen te helpen. Meer dan 80.000 kinderen krijgen nu psychosociale hulp. Een simpele rekensom leert dat het totaal aantal kinderen dat dringend hulp nodig heeft bij het verwerken van hun oorlogservaringen echter zeven keer zo veel is.

Er is noodhulp om de gevluchte Syrische kinderen een dak boven hun hoofd, drinkwater en voedsel, een warme deken te geven. Simpelweg de basiselementen waarvan de noodzaak duidelijk zichtbaar is. In traditionele noodhulp is er daarentegen nauwelijks aandacht voor de psychosociale welzijn van kinderen. Wij pleiten ervoor dat er een substantieel financieel bedrag aan psychosociale zorg wordt opgenomen in de geboden noodhulp en wederopbouw, ook in Syrië. 

Ten eerste omdat onze ervaring in het veld duidelijk laat zien wat deze steun doet, hoe het helpt bij het herstel van kinderen. Maar ook zorgt voor meer harmonie en solidariteit binnen hun gemeenschappen. Ten tweede, omdat 25 jaar geleden de internationale gemeenschap heeft afgesproken dat alle kinderen die slachtoffer zijn van oorlogsgeweld recht hebben op bijzondere zorg: psychosociale steun.

En toch merken we in het Syrische conflict dat er simpelweg te weinig aandacht en geld voor is. Dat is zeer zorgelijk, want veel kinderen in conflictgebieden laten heftige veranderingen zien in hun emoties, gedrag en gedachten. Ze zijn wanhopig en onzeker. Dat zagen we ook bij Alex in Oeganda.  De oorlog laat naast zichtbare ook onzichtbare littekens na. In landen als Syrië dreigt een verloren generatie op te groeien van kinderen die nu het oorlog is veerkrachtig moeten worden gemaakt zodat, als het straks vrede is, zij kunnen helpen hun land op te bouwen.

Kortom, psychosociale steun stelt kinderen in staat hun eigen toekomst met vertrouwen tegemoet te treden en vorm te geven. En met hun eigen toekomst, ook die van hun vaderland. Zij zijn de volwassenen van morgen. Zij kunnen de cyclus van geweld doorbreken door te kiezen voor vrede in plaats van geweld. Want wat als het straks vrede is in Syrië? Laten we gezamenlijk de volgende generatie klaarstomen voor een toekomst zonder oorlog.

Bernard Uyttendaele, directeur War Child